Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 20 september 2021 in de zaak tussen
[eiser] , te [woonplaats] , eiser
Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
.
Rechtbank Midden-Nederland
Eiser is eigenaar van een woonboerderij die door verweerder is aangewezen als rijksmonument vanwege zijn cultuurhistorische, architectuurhistorische, ensemble- en situationele waarde binnen het militair landschap van de Nieuwe Hollandse Waterlinie.
Eiser betwist de monumentale kenmerken niet, maar voert aan dat hij financieel onevenredig wordt benadeeld door de aanwijzing, omdat hij het huis niet kan verbouwen en de waarde van het pand daalt. De rechtbank stelt vast dat de aanwijzing conform de Erfgoedwet en het aanwijzingsprogramma is genomen en dat de woning aan de criteria voldoet.
De rechtbank oordeelt dat eiser onvoldoende heeft onderbouwd dat hij onevenredig wordt benadeeld, dat het belang van behoud van erfgoed zwaarder weegt en dat de overheidsbemoeienis gerechtvaardigd is. Het beroep wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen de aanwijzing van zijn woning als rijksmonument wordt ongegrond verklaard.