ECLI:NL:RBMNE:2021:4640
Rechtbank Midden-Nederland
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkheid in beroep tegen besluit Belastingdienst/Toeslagen ongegrond verklaard
Opposante heeft beroep ingesteld tegen een besluit van de Belastingdienst/Toeslagen van 15 februari 2020. De rechtbank verklaarde het beroep op 5 februari 2021 niet-ontvankelijk wegens het ontbreken van een machtiging van de heer D en het niet betalen van het griffierecht. Hiertegen ging opposante in verzet.
De rechtbank beoordeelt in dit verzet of de eerdere uitspraak terecht was dat er geen twijfel over de uitkomst bestond en daarom geen zitting nodig was. Opposante stelde dat door lockdown in Marokko en beperkte mobiliteit van de heer D het verkrijgen van de machtiging vertraagd was, en dat dit overmacht opleverde.
De rechtbank oordeelt dat opposante zelf verantwoordelijk is voor het tijdig voldoen van het griffierecht of het aanvragen van vrijstelling en voor het overleggen van de machtiging. De lockdown en mobiliteitsproblemen vormen geen verschoonbare omstandigheden, omdat alternatieve mogelijkheden bestonden zoals een schriftelijke machtiging via telefoon of hulp van derden.
Daarom blijft de uitspraak van 5 februari 2021 in stand en wordt het verzet ongegrond verklaard. Tevens is tijdens de zitting verklaard dat de terugvordering en rente hierover komen te vervallen.
Uitkomst: Het verzet wordt ongegrond verklaard en de niet-ontvankelijkheidsuitspraak blijft in stand.