ECLI:NL:RBMNE:2021:4302
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen besluit projectplan herinrichting Meijekade ter bescherming waterveiligheid
Het college van dijkgraaf en hoogheemraden van het Hoogheemraadschap de Stichtse Rijnlanden heeft een besluit genomen tot het ophogen van de Meijekade ter hoogte van de woning van eisers met circa 10 centimeter, als maatregel ter bescherming van de waterveiligheid.
Eisers hebben beroep ingesteld tegen dit besluit en voerden onder meer aan dat het besluit niet zorgvuldig was voorbereid, dat zij niet de benodigde onderzoeksrapporten en berekeningen hadden ontvangen, dat onvoldoende rekening was gehouden met de gevolgen voor omwonenden en vleermuizen, en dat de eigendomssituatie van de bermen onduidelijk was.
De rechtbank oordeelt dat het besluit binnen de bevoegdheid van het Hoogheemraadschap valt en dat de aanleg van de weg en verkeersveiligheid buiten de reikwijdte van het besluit vallen. Hoewel het college het onderzoeksrapport en de berekeningen niet heeft overgelegd, acht de rechtbank dit onvoldoende reden om het beroep gegrond te verklaren. Wel veroordeelt zij het college tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan eisers.
Verder acht de rechtbank het besluit zorgvuldig voorbereid, is voldoende rekening gehouden met omwonenden en vleermuizen, en mag het college uitgaan van de eigendomssituatie zoals geregistreerd in het Kadaster. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit tot herinrichting Meijekade wordt ongegrond verklaard, met vergoeding van griffierecht en proceskosten aan eisers.