ECLI:NL:RBMNE:2021:4063
Rechtbank Midden-Nederland
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Beëindiging Ziektewetuitkering na medisch onderzoek zonder nieuwe medische onderbouwing
Eiseres was sinds december 2016 arbeidsongeschikt en ontving aanvankelijk een WIA-uitkering, die werd geweigerd omdat zij meer dan 65% van haar eerdere loon kon verdienen. Zij ontving daarna een WW-uitkering en meldde zich ziek vanuit de WW. Het UWV kende haar een Ziektewetuitkering toe, maar beëindigde deze per 5 november 2020 omdat zij volgens medisch onderzoek weer geschikt was voor haar eigen werk.
Eiseres voerde in bezwaar en beroep aan dat haar klachten waren toegenomen en dat het medisch onderzoek onzorgvuldig was geweest, met onvoldoende rekening gehouden met haar depressie. De rechtbank oordeelde dat het UWV het medisch onderzoek zorgvuldig had uitgevoerd en dat eiseres geen medische stukken had overgelegd die het tegendeel aannemelijk maakten.
De rechtbank stelde dat de subjectieve klachtenbeleving van eiseres onvoldoende is om beperkingen voor arbeid aan te nemen zonder objectieve medische onderbouwing. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard. Partijen werden gewezen op de mogelijkheid tot hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: Het beroep tegen de beëindiging van de Ziektewetuitkering wordt ongegrond verklaard vanwege het ontbreken van medische onderbouwing.