Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 12 augustus 2021 in de zaken tussen
[eiser] , te [woonplaats] , eiser
Inleiding
Misschien een gewijzigde Wajong-uitkering
1 november 2019 op voorschotbasis wordt uitgekeerd en dat per drie maanden de hoogte van de uitkering wordt berekend, waarbij rekening wordt gehouden met eisers inkomsten over die periode. Het Uwv heeft het voorschot daarbij vastgesteld op € 686,87.
€ 1.583,64 (in totaal € 11.929,26) aan teveel ontvangen Wajong-uitkering.
Overwegingen
€ 1.000,-.
misschien [2] zou wijzigen en dat hij hier nog bericht van zou krijgen Dat bericht kwam pas met de primaire besluiten van 21 november 2019. Eiser heeft in de periode van tweeëneenhalf jaar na de eerste brief van 23 mei 2017 dus nooit bericht gehad, terwijl er wel is aangekondigd dat die zou volgen als zijn uitkering zou wijzigen. In plaats daarvan kreeg hij de brieven van 21 november 2017 en 3 december 2018 met dezelfde tekst, waar ook pas met de primaire besluiten van 21 november 2019 een vervolg aan is gegeven. Onder deze omstandigheden had eiser mogen aannemen dat het Uwv zijn situatie had beoordeeld en dat het Uwv tot de conclusie was gekomen dat zijn Wajong-uitkering niet wijzigde als gevolg van de inkomsten. Het kon hem tot 21 november 2019 redelijkerwijs niet duidelijk zijn dat het Uwv dat nog niet had gedaan.
23 mei 2017, 21 november 2017 en 3 december 2018 van uit dat het Uwv wist van de inkomsten uit zijn dienstbetrekking bij [bedrijfsnaam 2] en dat het inkomen geen invloed had op de hoogte van zijn uitkering. Hij is door die brieven op het verkeerde been gezet en de rechtbank kan begrijpen dat dat in zijn situatie is gebeurd. Dat het in het verleden zo is gegaan dat eiser inkomsten doorgaf en dat zijn uitkering daarna al dan niet wijzigde betekent dus niet dat het hem nu redelijkerwijs duidelijk kon zijn dat hij teveel uitkering ontving.
1 november 2019 dus ten onrechte herzien. Het gaat om een bedrag van in totaal
€ 11.849,28. Dit bedrag mocht het Uwv dus ook niet terugvorderen.
(4 x € 48,-) aan eiser moet betalen.
Beslissing
verklaart het beroep tegen de bestreden besluiten I, II en III gegrond;
- vernietigt de bestreden besluiten I, II en III;