Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.Het verloop van de procedure
- de dagvaarding van 14 oktober 2020;
- de conclusie van antwoord in conventie tevens conclusie van eis in reconventie van 9 december 2020;
- de conclusie van antwoord in reconventie van 25 maart 2021;
- de skypezitting van 25 maart 2021, waarvan de griffier aantekeningen heeft gehouden en [gedaagde] twee producties heeft overgelegd;
- de verwijzing op deze skypezitting naar de rolzitting van 28 april 2021 voor het nemen van een akte door [gedaagde] ; [gedaagde] heeft op deze rolzitting geen akte genomen.
2.Waar gaat het in deze zaak om?
- een verklaring voor recht dat zij aan (de rechtsopvolger van) Neckermann niets is verschuldigd voor wat betreft het dossier [dossiernummer] (vermeld op eerdergenoemd sommatie-exploot) en debiteurnummer [debiteurnummer] ;
- een verklaring voor recht dat partijen over en weer niets van elkaar te vorderen hebben;
- te bepalen dat het zowel Neckermann als haar rechtsopvolgers niet is toegestaan om [eiseres] op enigerlei wijze te benaderen omtrent de onderhavige debitpositie;
- veroordeling van [gedaagde] in de proceskosten en de nakosten.
3.Wat vindt de kantonrechter ervan?
- dagvaarding € 100,89
- vastrecht € 83,--
- salaris gemachtigde