Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
thans gedetineerd in de [penitentiaire inrichting 1] .
1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
2.TENLASTELEGGING
3.VOORVRAGEN
4.WAARDERING VAN HET BEWIJS
- de bekennende verklaring van verdachte ter terechtzitting van 11 mei 2021;
- een in de wettelijke vorm opgemaakt proces-verbaal van afschrift van aangifte van [E] , namens [slachtoffer 1] [plaatsnaam 1] , van 25 mei 2020, genummerd PL0900-2020161146, opgemaakt door de politie, houdende de aangifte van [slachtoffer 1] [plaatsnaam 1] , doorgenummerde pagina 1 en 2;
- een in de wettelijke vorm opgemaakt proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer 2] , van 22 juni 2020, genummerd PL0900-2020197448-1, opgemaakt door de politie Eenheid Midden-Nederland, houdende de aangifte van [slachtoffer 2] , doorgenummerde pagina 15 en 16;
Op dinsdag 7 juli 2020, omstreeks 12.30 uur, ging ik naar mijn werk. Ik woon op de [adres 1] in [plaatsnaam 1] . Ik stapte in mijn auto en vervolgens draaide ik mijn auto in de richting
5.BEWEZENVERKLARING
6.STRAFBAARHEID VAN DE FEITEN
telkens: diefstal;
bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht;
7.STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE
8.OPLEGGING VAN STRAF MAATREGEL
ISD-maatregel voor de duur van één jaarop. De rechtbank ziet geen aanleiding, zo zij dat al zou kunnen beslissen, te bepalen dat de ISD-maatregel niet in de [penitentiaire inrichting 1] tenuitvoergelegd zou moeten worden.
9.BENADEELDE PARTIJ
10.VORDERING TENUITVOERLEGGING
11.TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN
12.BESLISSING
maatregel tot plaatsing in een inrichting voor stelselmatige dadersvoor de duur van
één jaar;