ECLI:NL:RBMNE:2021:2935
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen WOZ-waarde woning Huizen ongegrond verklaard
Eiser betwistte de door verweerder vastgestelde WOZ-waarde van zijn woning aan een adres in Huizen voor het belastingjaar 2020, vastgesteld op €357.000,-. Verweerder handhaafde deze waarde na bezwaar en onderbouwde dit met een taxatierapport en een taxatiematrix, waarbij rekening werd gehouden met referentiewoningen in dezelfde wijk.
Eiser voerde aan dat de onderhoudstoestand van zijn woning slechter was dan gemiddeld en dat er geen nieuwe kozijnen aanwezig waren, maar hij leverde geen concrete onderbouwing of bewijs. Verweerder had een informatiebeschikking genomen wegens het niet verstrekken van gevraagde gegevens door eiser, wat leidde tot een omkering en verzwaring van de bewijslast.
De rechtbank oordeelde dat verweerder voldoende aannemelijk had gemaakt dat de waarde niet te hoog was vastgesteld. De door eiser aangevoerde gebreken en contactgeluiden werden onvoldoende onderbouwd en konden niet leiden tot een lagere waarde. Ook het gebruik van andere referentiewoningen in beroep vormde geen motiveringsgebrek. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde van €357.000,- wordt ongegrond verklaard.