Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
de burgemeester van de gemeente Soest, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
[B] , gelet op de volgende omstandigheden:
- [A] is vermogensverschaffer van [eiseres]
- Er is sprake van een zakelijk samenwerkingsverband met [B] .
- Er is sprake van een zakelijk samenwerkingsverband met [A] .
- [A] is in België op 11 januari 2016 en 15 april 2019 veroordeeld voor handelen in strijd met sociale wetgeving. Die laatste uitspraak is ook in hoger beroep bevestigd. Daarnaast is sprake van een ernstig vermoeden van valsheid in geschrifte, gepleegd op 29 mei 2016.
- [B] is in België op 15 april 2019 schuldig bevonden aan het handelen in strijd met sociale wetgeving. Deze uitspraak is ook in hoger beroep bevestigd. Ook is sprake van een ernstig vermoeden van valsheid in geschrifte, gepleegd op
Ten aanzien van [B] heeft verweerder terecht overwogen dat de opschorting van de veroordeling niet afdoet aan de bewezenverklaring van het strafbare feit. Uit het arrest van het Hof van beroep van Antwerpen van 14 mei 2020 volgt immers dat de uitspraak van de veroordeling voor [B] wordt opgeschort met drie jaar, maar dat de tenlastelegging van [B] wel bewezen is.