Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.Het procesverloop
2.De feiten
3.Het verzoek en het verweer
4.De beoordeling
werknemer voelt zich niet begrepen, zij wordt behandeld voor haar klachten”
Rechtbank Midden-Nederland
Werkgever heeft bij de rechtbank Midden-Nederland verzocht om ontbinding van de arbeidsovereenkomst met een zieke werknemer, stellende dat de werknemer tekort is geschoten in haar re-integratieverplichtingen. De werknemer was sinds september 2020 ziekgemeld en zou onvoldoende hebben meegewerkt aan haar re-integratie, aldus de werkgever.
Tijdens de procedure heeft de kantonrechter vastgesteld dat de werknemer regelmatig niet bereikbaar was voor de arbodienst en het Plan van Aanpak vertraagde. De bedrijfsarts achtte haar echter wel in staat om aangepast werk te verrichten. De werknemer gaf aan psychische klachten te hebben en onder behandeling te zijn, wat werd ondersteund door medische verklaringen van huisarts en GGZ-psycholoog.
Hoewel de werkgever een deskundigenoordeel van het UWV over de onvoldoende re-integratie-inspanningen overlegd heeft, kon de kantonrechter niet vaststellen dat de werknemer zonder deugdelijke grond niet meewerkte. De medische onderbouwing en het ontbreken van informatie van de behandelend artsen maakten het aannemelijk dat de werknemer door haar psychische aandoening niet in staat was tot re-integratie.
Daarom werd het verzoek tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst afgewezen. De proceskosten werden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: Verzoek tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst wegens niet meewerken aan re-integratie wordt afgewezen.