Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.De procedure
- de dagvaarding van 4 mei 2021 met producties (1-15),
- de conclusie van antwoord van Avrotros met producties (1-43),
- de brief van 1 juni 2021 van [eiser] met aanvullende producties (16-22),
- de mondelinge behandeling op 3 juni 2021,
- de pleitnota van [eiser] ,
- de pleitnota van Avrotros.
2.De vordering
3.Waar gaat het om?
4.De beoordeling
Spoedeisend belang
- i) de aard van de gepubliceerde uitlatingen en de ernst van de te verwachten gevolgen voor degene op wie die uitlatingen betrekking hebben,
- ii) de ernst - bezien vanuit het algemeen belang - van de misstand die aan de kaak wordt gesteld,
- iii) de mate waarin de uitlatingen steun vinden in het beschikbare feitenmateriaal ten tijde van de publicatie,
- iv) de totstandkoming en inkleding van de uitlatingen,
- v) het gezag dat het medium waarop de uitlatingen zijn gepubliceerd geniet en
- vi) de maatschappelijke positie van de betrokken persoon.
waarschijnlijkeen vervalste verklaring is ingebracht. Het door [eiser] als productie 7 overgelegde deskundigenbericht over de echtheid van de bewuste handtekening, leidt niet tot een ander oordeel. Ter zitting is [eiser] niet ingegaan op de diverse andere vraagtekens die zijn gezet bij de echtheid van de verklaring. Bovendien heeft de zoon van [A] niet gesteld dat de handtekening vervalst is, maar dat de handtekening met een soort knippen-en-plakken in het stuk gezet is. Daar kan ook een echte handtekening van [A] voor gebruikt zijn.
1.016,00