ECLI:NL:RBMNE:2021:2294
Rechtbank Midden-Nederland
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek aanwijzing herstructureringsdeskundige in WHOA-procedure wegens onvoldoende aannemelijkheid lopende verplichtingen
De besloten vennootschap verzoeker, actief in installatietechniek, schilderwerken en IT-consultancy met 12 werknemers, heeft een verzoek ingediend tot aanwijzing van een herstructureringsdeskundige op grond van de Wet Homologatie Onderhands Akkoord (WHOA). Dit verzoek werd gedaan in het kader van een lopend faillissementsverzoek.
De rechtbank beoordeelde of aan de twee vereisten voor aanwijzing van een herstructureringsdeskundige was voldaan: dat de schuldenaar redelijkerwijs insolvent zal raken en dat de belangen van schuldeisers gediend zijn bij de aanwijzing. Het tweede vereiste was vervuld omdat het verzoek door de schuldenaar zelf was ingediend.
De rechtbank stelde echter vast dat verzoeker onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat zij in staat is haar lopende verplichtingen na te komen. De overgelegde liquiditeitsbegroting en jaarstukken waren onbetrouwbaar en toonden tegenstrijdigheden, zoals een onverklaard verschil in omzetcijfers en het ontbreken van kostenposten. Ook ontbrak een vastgestelde jaarrekening over 2019. De liquiditeitsbegroting hield geen rekening met herstructureringskosten en vertoonde tekorten.
Gezien het ontbreken van betrouwbare financiële gegevens achtte de rechtbank de aanwijzing van een herstructureringsdeskundige niet zinvol. De herstructureringsdeskundige moet immers kunnen onderzoeken of een akkoord haalbaar is, waarvoor betrouwbare cijfers noodzakelijk zijn. Het verzoek werd daarom afgewezen en de faillissementsprocedure wordt voortgezet.
Uitkomst: Verzoek tot aanwijzing herstructureringsdeskundige wordt afgewezen wegens onvoldoende aannemelijkheid van nakoming lopende verplichtingen.