ECLI:NL:RBMNE:2021:1860
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen beëindiging Ziektewet-uitkering wegens arbeidsvermogen
Eiser was werkzaam als junior commercieel medewerker en meldde zich ziek op 31 oktober 2017. Na een eerstejaars Ziektewetbeoordeling en een aanvraag voor een WIA-uitkering, die werd afgewezen, besloot verweerder de Ziektewet-uitkering per 3 oktober 2019 te beëindigen. Eiser maakte bezwaar en stelde dat zijn beperkingen zwaarder waren dan aangenomen, mede omdat er geen informatie was opgevraagd bij zijn behandelaars.
De rechtbank overwoog dat de verzekeringsarts bezwaar en beroep op 17 februari 2020 een zorgvuldige en volledige medische beoordeling had uitgevoerd, waarbij ook medische informatie van behandelaars was betrokken. De beperkingen waren adequaat vastgesteld, en er was geen reden om aanvullende beperkingen aan te nemen. De arbeidskundige beoordeling bevestigde dat eiser geschikt was voor de geduide functies.
De rechtbank concludeerde dat het besluit van verweerder terecht was en dat het beroep ongegrond is. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: Het beroep tegen de beëindiging van de Ziektewet-uitkering is ongegrond verklaard.