ECLI:NL:RBMNE:2021:176
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen weigering maatschappelijke opvang op grond van de Wmo
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de gemeente Hilversum waarin werd bepaald dat hij en zijn gezin geen recht hadden op maatschappelijke opvang op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo). De gemeente had de kosten van huisvesting in een hotel per 18 juni 2020 stopgezet en het bezwaar van eiser ongegrond verklaard.
De voorzieningenrechter wees een verzoek om voorlopige voorziening af. De rechtbank behandelde het beroep op 7 januari 2021 via een Skypezitting. Eiser stelde dat de opvang die hij en zijn gezin ontvingen gebaseerd was op gemeentelijk beleid, met verwijzing naar de Verordening maatschappelijke ondersteuning Hilversum 2018 en de Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning Hilversum 2020.
De rechtbank oordeelde dat noch de Verordening noch de beleidsregels een grondslag boden voor de opvang, die onverplicht en buitenwettelijk was verleend. De situatie van eiser viel niet onder kortdurend verblijf of maatschappelijke opvang zoals bedoeld in het beleid. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen het besluit om geen maatschappelijke opvang te bieden op grond van de Wmo wordt ongegrond verklaard.