ECLI:NL:RBMNE:2021:1615
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring vervolging wegens strijd met redelijke en billijke belangenafweging in witwaszaak coffeeshop
De rechtbank Midden-Nederland behandelde een strafzaak tegen verdachte, een bedrijf verbonden aan een coffeeshop, die werd vervolgd voor witwassen van geldbedragen in de periode 2005-2007. Na eerdere procedures en een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden werd de zaak terugverwezen naar de rechtbank.
De rechtbank constateerde een extreme overschrijding van de redelijke termijn, mede veroorzaakt door langdurige schikkingsonderhandelingen tussen het Openbaar Ministerie en de verdediging. Hoewel overschrijding van de redelijke termijn doorgaans leidt tot strafvermindering, kan dit niet leiden tot niet-ontvankelijkverklaring, tenzij sprake is van uitzonderlijke omstandigheden.
De rechtbank oordeelde dat de vervolging in dit geval onverenigbaar is met het beginsel van een redelijke en billijke belangenafweging. Dit omdat het Openbaar Ministerie jarenlang heeft gedoogd dat de coffeeshop meer voorraad had dan toegestaan, de schikkingsonderhandelingen lang duurden zonder duidelijke motivatie en het belang van strafrechtelijke handhaving op dit moment niet was aangetoond. Daarom werd het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk verklaard in de vervolging.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk in de vervolging wegens strijd met het beginsel van een redelijke en billijke belangenafweging.