ECLI:NL:RBMNE:2021:1043
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening wegens niet-ontvankelijkheid beroepsprocedure
Deze uitspraak betreft het verzoek van verzoeker om een voorlopige voorziening in de beroepsprocedure tegen een besluit van de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen van 11 september 2020.
De rechtbank Midden-Nederland heeft op 15 maart 2021 het beroep van verzoeker niet-ontvankelijk verklaard wegens te late indiening zonder geldige reden. Omdat het beroep daarmee finaal is afgedaan, is er geen grond om een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzieningenrechter baseert zijn oordeel op artikel 8:54 en Pro 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht. Het verzoek om voorlopige voorziening wordt daarom afgewezen. Tegen deze uitspraak is geen rechtsmiddel mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat het beroep niet-ontvankelijk is verklaard en de zaak finaal is afgedaan.