Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
2.TENLASTELEGGING
3.VOORVRAGEN
4.WAARDERING VAN HET BEWIJS
- een in de wettelijke vorm opgemaakt proces-verbaal van aangifte van 9 december 2019, genummerd PL0900-2019368397-1, opgemaakt door politie eenheid Midden-Nederland, houdende de verklaring van [A] namens [bedrijfsnaam 1] BV, doorgenummerde pagina’s 8 tot en met 9;
- een in de wettelijke vorm opgemaakt proces-verbaal van aangifte van 20 januari 2020, genummerd PL0900-2020021214-1, opgemaakt door politie eenheid Midden-Nederland, houdende de verklaring van [B] , doorgenummerde pagina’s 265 tot en met 266;
- een in de wettelijke vorm opgemaakt proces-verbaal van bevindingen van 18 december 2019, genummerd PL0900-2019368397-4, opgemaakt door politie eenheid Midden-Nederland, houdende het relaas van verbalisant, inclusief bijlage, doorgenummerde pagina’s 14 en 15;
- een in de wettelijke vorm opgemaakt proces-verbaal van aangifte van 5 december 2019, genummerd PL0900-2019364132-1, opgemaakt door politie eenheid Midden-Nederland, houdende de verklaring van [C] , doorgenummerde pagina’s 146 tot en met 147 en de daarbij gevoegde Bijlage goederen op pagina 149;
- een in de wettelijke vorm opgemaakt proces-verbaal van bevindingen van 20 december 2019, genummerd PL0900-2019379887-19, opgemaakt door politie eenheid Midden-Nederland, houdende het relaas van verbalisant, doorgenummerde pagina 144;
- een in de wettelijke vorm opgemaakt proces-verbaal van bevindingen van 20 december 2019, genummerd PL0900-2019379887-42, opgemaakt door politie eenheid Midden-Nederland, houdende het relaas van verbalisant, doorgenummerde pagina 145;
- een in de wettelijke vorm opgemaakt proces-verbaal van bevindingen van 2 januari 2020, genummerd PL0900-201937988788, opgemaakt door politie eenheid Midden-Nederland, houdende het relaas van verbalisant, doorgenummerde pagina’s 259 tot en met 262 en de kennisgevingen van inbeslagneming waarnaar in dit proces-verbaal wordt verwezen op de pagina’s 131 tot en met 134, 135 tot en met 137, 385 tot en met 387, 389, 392;
- een in de wettelijke vorm opgemaakt proces-verbaal van bevindingen, genummerd PL0900-2019368397, opgemaakt door politie eenheid Midden-Nederland, houdende het relaas van verbalisant, doorgenummerde pagina’s 227 en 228;
- een in de wettelijke vorm opgemaakt proces-verbaal van bevindingen van 19 december 2019, genummerd PL0900-2019379887-2, opgemaakt door politie eenheid Midden-Nederland, houdende het relaas van verbalisant, doorgenummerde pagina 17.
- een in de wettelijke vorm opgemaakt proces-verbaal van bevindingen van 2 januari 2020, genummerd PL0900-2019379887-88, opgemaakt door politie eenheid Midden-Nederland, houdende het relaas van verbalisant, doorgenummerde pagina 259 en de kennisgevingen van inbeslagneming waarnaar in dit proces-verbaal wordt verwezen op de pagina’s 367, 368, 369 en 370;
- een in de wettelijke vorm opgemaakt proces-verbaal onderzoek verdovende middelen van 24 december 2019, genummerd PL0900-2019379887-74, opgemaakt door politie eenheid Midden-Nederland, houdende het relaas van verbalisanten, doorgenummerde pagina’s 267 tot en met 274.
- een in de wettelijke vorm opgemaakt proces-verbaal van forensisch onderzoek woning van 25 december 2019, genummerd PL0900-2019379887-8, opgemaakt door politie eenheid Midden-Nederland, houdende het relaas van verbalisant, doorgenummerde pagina’s 289 tot en met 290, en de kennisgeving van inbeslagneming op pagina 363;
- een in de wettelijke vorm opgemaakt proces-verbaal van bevindingen van 17 februari 2020, genummerd PL0900-2019379887-97, opgemaakt door politie eenheid Midden-Nederland, houdende het relaas van verbalisant, ongenummerd (los bijgevoegd), blad 1 tot en met 3.
5.BEWEZENVERKLARING
6.STRAFBAARHEID VAN DE FEITEN
telkens, diefstal.
opzetheling.
telkens medeplegen van opzetheling.
telkens, opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 2 onder Pro C van de Opiumwet gegeven verbod.
handelen in strijd met artikel 13, eerste lid, van de Wet wapens en munitie, meermalen gepleegd.
overtreding van het bepaalde in artikel 2:46 van Pro de Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Almere 2011.
7.STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE
8.OPLEGGING VAN STRAF
9.BENADEELDE PARTIJ
10.VORDERING TENUITVOERLEGGING
11.TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN
- 47, 77a, 77g, 77i, 77m, 77n, 77x, 77y, 77z, 77aa, 77gg, 310 en 416 van het Wetboek van Strafrecht;
- 2 en 10 van de Opiumwet;
- 13 en 55 van de Wet wapens en munitie;
- 2.46 en 6.1 van de Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Almere 2011;
12.BESLISSING
Bewezenverklaring
Strafbaarheid
Oplegging straf
jeugddetentie van 125 dagen;
102 dagen, niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders gelast op grond van het feit dat verdachte de hierna te melden algemene en/of bijzondere voorwaarden niet heeft nageleefd;
taakstraf, bestaande uit een werkstraf, van 50 uren;
- verklaart [slachtoffer 2] niet-ontvankelijk in de vordering;
- veroordeelt de benadeelde partij in de kosten door de verdachte gemaakt, tot op heden begroot op nihil;
Vordering tenuitvoerlegging met parketnummer 16/652604-18
taakstraf, bestaande uit een werkstraf, voor de duur van 28 uren;
taakstraf, bestaande uit een werkstraf, voor de duur van 60 uren;
jeugddetentie voor de duur van één week;