Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 14 december2020 in de zaak tussen
[eiser], te [woonplaats 1], eiser
de burgemeester van de gemeente Utrecht, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Formele punten
De stukken zijn vervolgens aan verweerder teruggestuurd.
Verweerder heeft tijdens de zitting al laten weten dat hij hierin berust en dat de ten onrechte verstuurde stukken nu dus onderdeel uitmaken van de gedingstukken in deze procedure.
Intrekkingsgronden
Slecht levensgedrag/openbare orde
Eerdere feiten/openbare orde
Evenredigheid
Conclusie
Beslissing
Rechtsmiddel
1. Voor het verkrijgen van een exploitatievergunning moeten leidinggevenden aan de volgende eisen voldoen:
[…]
b. zij mogen niet in enig opzicht van slecht levensgedrag zijn;
[…]
1. De burgemeester weigert de exploitatievergunning:
[…]
4. Voor horecabedrijven waarvan de exploitatievergunning op grond van artikel 10, eerste lid, onder e of f is ingetrokken, kan worden bepaald dat een exploitatievergunning voor dat horecabedrijf gedurende een bij die intrekking vastgestelde termijn van ten hoogste vijf jaar wordt geweigerd.
Artikel 10 Intrekkingsgronden Pro
1. De burgemeester trekt de exploitatievergunning in, indien:
[…]
b. Niet langer wordt voldaan aan de in artikel 7 gestelde Pro eisen.
[…]
d. Er een persoon leidinggevende is geworden en deze niet op grond van artikel 12a is gemeld.
e. Zich in of vanuit het betrokken horecabedrijf feiten hebben voorgedaan die de vrees wettigen dat het van kracht blijven van de exploitatievergunning gevaar oplevert voor de openbare orde, veiligheid of zedelijkheid.
f. De openbare orde, veiligheid of de woon - en leefsituatie in de omgeving van het horecabedrijf op ontoelaatbare wijze wordt verstoord door de aanwezigheid van dat bedrijf.
[…].