Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 10 december 2020 in de zaak tussen
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit;
Rechtbank Midden-Nederland
Eisers werden door de gemeente Utrecht bestuurlijke boetes opgelegd wegens het zonder vergunning onttrekken van woonruimte aan de woningvoorraad door verhuur van woningen voor short stay en kortdurende vakantieverhuur. De gemeente stelde dat de woningen bestemd waren voor permanente bewoning en derhalve onttrokken waren aan de woningvoorraad zonder vergunning.
Eisers voerden aan dat de woningen nooit permanent bewoond waren en dat er onduidelijkheid bestond over welke vergunningen nodig waren voor short stay verhuur. Zij waren in overleg met de gemeente en kregen pas na 1 januari 2018 beleidsregels en vergunningen voor tijdelijk verblijf. De rechtbank oordeelde dat de woningen juridisch wel bestemd waren voor permanente bewoning en daardoor tot de woningvoorraad behoorden, maar dat de overtreding niet aan eisers kon worden verweten vanwege de onduidelijkheid en toezeggingen van de gemeente.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit, stelde de boetes op nihil, en veroordeelde de gemeente tot vergoeding van griffierecht en proceskosten. De uitspraak benadrukt het belang van duidelijkheid in vergunningbeleid en het niet opleggen van boetes bij gebrek aan verwijtbaarheid.
Uitkomst: De bestuurlijke boetes worden vernietigd en op nihil gesteld wegens gebrek aan verwijtbaarheid.