ECLI:NL:RBMNE:2020:5230
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Naheffingsaanslag parkeerbelasting terecht opgelegd wegens te late betaling
De zaak betreft een beroep tegen een naheffingsaanslag parkeerbelasting opgelegd aan eiser wegens het parkeren zonder tijdige betaling op een gefiscaliseerde parkeerplaats. Verweerder stelde dat de parkeerbelasting al vóór het scannen van de auto niet was voldaan, terwijl eiser aanvoerde dat hij de belasting kort na het scannen had betaald met een parkeerapp.
De rechtbank oordeelde dat volgens vaste jurisprudentie de parkeerbelasting bij aanvang van het parkeren moet worden voldaan en dat eiser onverwijld de benodigde handelingen moet verrichten. Uit de scangegevens bleek dat er een tijdsverloop van 18 minuten zat tussen het eerste scannen en het moment waarop eiser de betaling verrichtte, wat niet als onverwijld kan worden beschouwd.
De rechtbank achtte aannemelijk dat eiser niet ononderbroken handelingen verrichtte om de belasting te voldoen, mede vanwege het uitladen van spullen. De communicatie met parkeercontroleurs deed hieraan niets af. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de naheffingsaanslag parkeerbelasting.