Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 1 oktober 2020 in de zaak tussen
Inleiding
Procedure bij de rechtbank
Het geschil
Beoordeling door de rechtbank
Conclusie
Beslissing
verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit;
Rechtbank Midden-Nederland
Eiser is eigenaar van een perceel op een recreatiepark met daarop een recreatiewoning, drie garages en een aanbouw. Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Wijdemeren legde handhavend op tegen zowel de garages als de aanbouw vanwege strijd met het bestemmingsplan. Eiser stelde dat de garages onder een gedoogbeschikking uit 2009 vielen, waardoor handhaving onrechtmatig was.
De rechtbank oordeelde dat het niet onaannemelijk is dat de drie garages al bestonden ten tijde van de gedoogbeschikking, die daarmee van kracht bleef. Het college had onvoldoende gemotiveerd waarom het handhavend optreden tegen de garages gerechtvaardigd was, waardoor dit besluit onrechtmatig was.
Ten aanzien van de aanbouw stelde de rechtbank vast dat deze vergunningsplichtig is volgens het Besluit omgevingsrecht en dat het college terecht handhavend optrad, omdat geen vergunning was verleend en er geen bijzondere omstandigheden waren om af te zien van handhaving.
Het beroep van eiser tegen de handhaving van de garages werd gegrond verklaard, het primaire besluit herroepen en het college opgedragen een nieuw besluit te nemen. Het beroep tegen de handhaving van de aanbouw werd afgewezen. Vergoeding van griffierecht en proceskosten werd toegewezen.
Uitkomst: Handhaving tegen de garages was onrechtmatig wegens geldende gedoogbeschikking, handhaving tegen de vergunningsplichtige aanbouw was rechtmatig.