ECLI:NL:RBMNE:2020:4790
Rechtbank Midden-Nederland
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond verklaard tegen legesheffing voor behandeling vooroverlegplan woningverbouwing
Eiseres diende op 5 oktober 2017 een digitaal aanvraagformulier in voor een vooroverlegplan voor de uitbreiding van haar woning bij de gemeente Stichtse Vecht. De welstands- en monumentencommissie gaf op 2 januari 2018 een negatief advies, waarna de gemeente het advies voorlegde aan de gemachtigde van eiseres met het verzoek het ontwerp aan te passen. Ondanks herhaalde verzoeken werd geen aangepast plan ingediend. De gemeente gaf op 26 november 2018 aan geen medewerking te verlenen aan het plan na indiening van een formele omgevingsvergunningaanvraag. Vervolgens bracht de heffingsambtenaar op 17 december 2018 leges in rekening van € 689,90 voor de behandeling van de aanvraag.
Eiseres maakte bezwaar tegen de factuur, dat ongegrond werd verklaard met een kleine correctie wegens een tariefjaarfout. Eiseres voerde aan dat zij in de veronderstelling was tot 1 januari 2019 nog een aangepast plan te kunnen indienen en dat het dossier onterecht gesloten was, waardoor de leges onterecht werden gefactureerd. De rechtbank oordeelde dat de leges terecht zijn geheven omdat het feit van het in behandeling nemen van de aanvraag leidend is, ongeacht de verdere behandeling of uitkomst.
De rechtbank benadrukte dat de omstandigheden waarom geen aanvullend plan werd ingediend buiten het juridisch toetsingskader vallen. De gemachtigde van verweerder bood aan om samen met de heffingsambtenaar te bekijken of er mogelijkheden zijn voor regeling bij een nieuwe indiening. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken. Partijen werden gewezen op de mogelijkheid tot hoger beroep.
Uitkomst: Het beroep tegen de legesheffing voor het in behandeling nemen van de aanvraag vooroverlegplan wordt ongegrond verklaard.