Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
Zittingsplaats Utrecht
Rechtbank Midden-Nederland
Betrokkene is sinds 1999 ter beschikking gesteld wegens poging tot verkrachting, met een maatregel tot dwangverpleging die in 2018 voor twee jaar verlengd is. De officier van justitie vordert verlenging van de terbeschikkingstelling met een jaar, gesteund door een verlengingsadvies van de kliniek en rapporten van deskundigen die een blijvende stoornis en hoog recidiverisico vaststellen.
De kliniek en niet aan de kliniek verbonden deskundigen adviseren verlenging, maar ook een overgang naar een rechterlijke machtiging op grond van de Wet zorg en dwang (WZD), omdat betrokkene door terugkerende incidenten nauwelijks voortgang boekt in zijn behandeling binnen het strafrechtelijk kader. De verdediging verzet zich tegen verlenging en pleit voor een rechterlijke machtiging.
De rechtbank overweegt dat de problematiek van betrokkene en het hoge recidiverisico een civielrechtelijke maatregel met rechterlijke machtiging kan bieden die het risicomanagement adequaat waarborgt. Daarom wordt het onderzoek heropend en geschorst voor nader onderzoek naar de haalbaarheid van een rechterlijke machtiging ex artikel 28a WZD, met een zitting binnen drie maanden. De beslissing over verlenging wordt aangehouden totdat dit onderzoek is afgerond.
Uitkomst: Onderzoek naar verlenging TBS wordt heropend en aanhouding van beslissing tot nader onderzoek rechterlijke machtiging WZD.