ECLI:NL:RBMNE:2020:3671

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
17 augustus 2020
Publicatiedatum
1 september 2020
Zaaknummer
20/429
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:75 AwbArt. 8:75a AwbArt. 8:41 Awb
Verwijzingen
6 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vergoeding proceskosten na toekenning WW-uitkering en intrekking beroep

Verzoeker had bezwaar gemaakt tegen de afwijzing van zijn aanvraag voor een WW-uitkering door het UWV. Nadat het bezwaar ongegrond werd verklaard, ging verzoeker in beroep. Vervolgens heeft het UWV alsnog een WW-uitkering toegekend, waarna verzoeker het beroep introk en vergoeding van zijn proceskosten vroeg.

De rechtbank overwoog dat het UWV niet tegen het verzoek tot vergoeding van proceskosten had gereageerd, wat werd opgevat als geen bezwaar tegen vergoeding. De rechtbank stelde de proceskosten vast op €1.050,-, gebaseerd op punten toegekend voor het indienen van het bezwaar en het beroepschrift, en veroordeelde het UWV tot betaling hiervan.

Daarnaast werd het griffierecht aan verzoeker toegekend. De uitspraak werd gedaan door rechter R.C. Stijnen en griffier P.W. Hogenbirk op 17 augustus 2020, zonder openbare zitting vanwege coronamaatregelen.

Uitkomst: Het UWV is veroordeeld tot betaling van €1.050,- aan proceskosten en het griffierecht aan verzoeker.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
zaaknummer: UTR 20/429

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 17 augustus 2020 in de zaak tussen

[verzoeker] , te [woonplaats] , verzoeker

(gemachtigde: mr. M.P. Harten),
en
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen,verweerder.

Procesverloop

Deze uitspraak gaat over het verzoek van verzoeker om vergoeding van zijn proceskosten.
Verweerder heeft niet gereageerd op dit verzoek.

Overwegingen

1. Verweerder heeft op 19 december 2019 een beslissing op bezwaar genomen, waarin het bezwaar van verzoeker ongegrond is verklaard. In dit besluit staat dat verzoeker niet in aanmerking komt voor een uitkering op grond van de Werkloosheidswet (WW). Verzoeker is hiertegen in beroep gegaan. Met het besluit van 14 mei 2020 heeft verweerder alsnog aan verzoeker een WW-uitkering toegekend. Verweerder heeft dus gedaan wat verzoeker wilde. Verzoeker heeft daarna het beroep ingetrokken en een vergoeding gevraagd voor zijn proceskosten.
2. De rechtbank kan een partij de proceskosten van de tegenpartij laten betalen (artikel 8:75 en Pro 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en het Besluit proceskosten bestuursrecht (Bpb)).
3. Verweerder heeft niet gereageerd op het verzoek van verzoeker. De rechtbank leidt hier uit af dat verweerder er geen bezwaar tegen heeft om de proceskosten van verzoeker te vergoeden.
4. De rechtbank stelt de proceskosten van verzoeker die verweerder moet betalen vast op
€ 1.050,- (1 punt voor het indienen van het bezwaarschrift, 1 punt voor het indienen van het beroepschrift, met een waarde per punt van € 525,- en een wegingsfactor 1).
5. Verweerder moet ook het griffierecht aan verzoeker betalen (artikel 8:41 Awb Pro).

Beslissing

De rechtbank veroordeelt verweerder tot betaling van € 1.050,- aan proceskosten. Verweerder moet dit bedrag betalen aan verzoeker.
Deze uitspraak is gedaan door mr. R.C. Stijnen, rechter, in aanwezigheid van
P.W. Hogenbirk, griffier, op 17 augustus 2020. Als gevolg van maatregelen rondom het Coronavirus is deze uitspraak niet uitgesproken op een openbare uitsprakenzitting. Zodra het openbaar uitspreken weer mogelijk is, wordt deze uitspraak, voor zover nodig, alsnog in het openbaar uitgesproken.
griffier rechter
Afschrift verzonden aan partijen op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Als u het niet eens bent met deze uitspraak kunt een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum op de stempel die hierboven staat. Als u graag een zitting wilt waarbij u persoonlijk uw mening aan de rechter kunt geven, kunt u dit in uw verzetschrift aangeven.