Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 10 juli 2020 in de zaak tussen
[eiseres] , te [woonplaats] , eiseres
Inleiding en verloop van de procedure
- het vermogen van eiseres vastgesteld op € 22.602,56;
- de bijstand van eiseres ingetrokken met ingang van 22 maart 2019;
- de kosten van bijstand over de periode van 22 maart 2019 tot en met 30 april 2019 van € 920,39 van eiseres teruggevorderd; en
- na verrekening van het voor eiseres gereserveerde vakantiegeld ad € 375,46 met het teruggevorderde bedrag aan eiseres medegedeeld dat zij een bedrag van (€ 920,39 - € 375,46 =) € 544,93 aan hem moet betalen.