ECLI:NL:RBMNE:2020:2846
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens vervallen ov-schuld na toekenning nul-lening
Eiser had een ov-schuld vastgesteld gekregen over de maanden september tot en met december 2018, omdat hij beschikte over een studentenreisproduct zonder recht daarop. Verweerder heeft het bezwaar tegen de ov-schuld over september, oktober en november 2018 niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de bezwaartermijn en het bezwaar over december 2018 ongegrond.
Tijdens de zitting gaf verweerder aan dat de ov-schuld inmiddels is komen te vervallen doordat voor de maanden september 2018 tot en met januari 2019 alsnog een nul-lening en studentenreisproduct zijn toegekend. Dit werd bevestigd in een brief na de zitting. Eiser reageerde dat ook andere schulden, zoals een prestatiebeursschuld, kwijtgescholden zouden moeten worden vanwege zijn persoonlijke omstandigheden.
De rechtbank oordeelt dat zij alleen kan oordelen over de ov-schuld over de genoemde maanden, welke schuld inmiddels is vervallen. Daardoor heeft eiser geen belang meer bij het beroep en is het beroep niet-ontvankelijk verklaard. Er is geen aanleiding voor proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat de ov-schuld is vervallen.