ECLI:NL:RBMNE:2020:2543

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
23 april 2020
Publicatiedatum
3 juli 2020
Zaaknummer
UTR 19/4725
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:7 AwbArt. 6:8 AwbArt. 3:41 AwbArt. 8:54 Awb
Verwijzingen
5 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bezwaar tegen niet-ontvankelijkverklaring wegens te late indiening afgewezen

Eiseres maakte bezwaar tegen een besluit van de gemeente Almere, waarbij haar bezwaar tegen een eerder besluit niet-ontvankelijk werd verklaard wegens te late indiening. Het oorspronkelijke besluit werd bekendgemaakt op 25 juni 2019, waardoor het bezwaarschrift uiterlijk op 6 augustus 2019 ontvangen had moeten zijn. Echter ontving de gemeente het bezwaarschrift pas op 27 augustus 2019.

Eiseres voerde aan dat haar late indiening te wijten was aan PTSS en chronische depressie, waardoor zij een terugval had en het besluit pas op 20 augustus 2019 las. De rechtbank erkende de situatie, maar oordeelde dat dit geen geldige reden is om af te wijken van de fatale termijn voor bezwaarindiening. Eiseres had iemand kunnen inschakelen om tijdig bezwaar te maken en had haar medische klachten onvoldoende onderbouwd.

Daarom werd het bezwaar terecht niet-ontvankelijk verklaard en het beroep ongegrond. Eiseres kreeg geen proceskostenvergoeding. De uitspraak werd gedaan door rechter G.P. Loman op 23 april 2020 zonder openbare zitting vanwege coronamaatregelen.

Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard omdat het bezwaarschrift te laat is ingediend zonder geldige reden.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
zaaknummer: UTR 19/4725

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 23 april 2020 in de zaak tussen

[eiseres] , te [woonplaats] , eiseres

(gemachtigde: mr. R. Zwiers),
en

het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Almere, verweerder.

Procesverloop

Deze uitspraak gaat over het beroep van eiseres tegen het besluit van verweerder van 23 september 2019. In dit besluit heeft verweerder het bezwaar van eiser dat gericht is tegen het besluit van 25 juni 2019 niet-ontvankelijk verklaard.

Overwegingen

1.De rechtbank nodigt partijen niet uit voor een zitting, omdat dat in deze zaak niet nodig is (artikel 8:54 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb)). Hieronder legt de rechtbank dat verder uit.
2. Een bezwaarschrift moet worden ingediend binnen zes weken nadat het besluit bekend is gemaakt (artikelen 6:7 en 6:8 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb)). In artikel 3:41 van Pro de Awb staat hoe dat bekendmaken gebeurt. In dit geval is het besluit bekendgemaakt op 25 juni 2019. Het bezwaarschrift had dus uiterlijk op 6 augustus 2019 door verweerder ontvangen moeten zijn. Verweerder heeft het bezwaarschrift ontvangen op 27 augustus 2019. Dat is dus te laat. De hoofdregel is dan dat verweerder het bezwaar niet inhoudelijk mag behandelen. Soms is dat anders. Dan is er een geldige reden waarom het bezwaarschrift te laat is ingediend. Het gaat dan om omstandigheden waar eiseres niets aan kan doen.
3. Eiseres zegt dat zij haar bezwaarschrift te laat heeft ingediend, omdat ze lijdt aan PTSS en chronische depressie. In de periode van juni 2019 tot en met augustus 2019 heeft zij een forse terugval gehad, waardoor ze zich niet heeft gerealiseerd wat er om haar heen gebeurde. Dit heeft er voor gezorgd dat zij het besluit van 25 juni 2019 pas op 20 augustus 2019 heeft gelezen.
4. Hoewel de rechtbank begrip heeft voor de situatie van eiseres, is de rechtbank van oordeel dat dit geen geldige reden is voor het te laat indienen van het bezwaarschrift. Het is de verantwoordelijkheid van eiseres om op tijd een bezwaarschrift in te dienen. Als eiseres daar zelf niet toe in staat was had zij iemand kunnen inschakelen om dat voor haar te doen, desnoods op nader aan te voeren gronden. Eiseres heeft de medische klachten die zij aanvoert niet onderbouwd, waardoor niet is gebleken dat het voor eiseres niet mogelijk was om op tijd bezwaar (te laten) indienen. De termijn voor het indienen van een bezwaarschrift is een fatale termijn van openbare orde. Dat betekent dat zonder geldige reden niet kan worden afgeweken van deze termijn en het bezwaar niet-ontvankelijk moet worden verklaard.
4. Verweerder heeft dus terecht het bezwaar niet-ontvankelijk verklaard. Het beroep is daarom kennelijk ongegrond.
5. Eiseres krijgt geen gelijk en daarom ook geen vergoeding van haar proceskosten.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. G.P. Loman, rechter, in aanwezigheid van O.G.J. Stroek, griffier, op 23 april 2020. Als gevolg van maatregelen rondom het coronavirus is deze uitspraak niet uitgesproken op een openbare uitsprakenzitting. Zodra het openbaar uitspreken weer mogelijk is, wordt deze uitspraak alsnog in het openbaar uitgesproken.
De griffier is verhinderd dezeuitspraak te ondertekenen
griffier rechter
Afschrift verzonden aan partijen op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Als u het niet eens bent met deze uitspraak kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum op de stempel die hierboven staat. Als u graag een zitting wilt waarbij u persoonlijk uw mening aan de rechter kunt geven, kunt u dit in uw verzetschrift aangeven.