Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.De procedure
- het wrakingsverzoek van de verzoeker bij brief van 30 december 2019;
- de reactie op het wrakingsverzoek van mr. Y. Sneevliet van 8 januari 2020.
2.Het wrakingsverzoek
3.De beoordeling
zodrade feiten of omstandigheden aan de verzoeker bekend zijn geworden (artikel 8:16, eerste lid, Awb. Het verzoek is dus niet tijdig gedaan. De wrakingskamer zal verzoeker daarom niet-ontvankelijk verklaren in zijn verzoek.