ECLI:NL:RBMNE:2020:2311
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep op kwijtschelding terugvordering WIA-uitkering wegens aflossingscapaciteit
Eiseres ontving sinds maart 2015 een WIA-uitkering. Verweerder herrekende in oktober 2016 de uitkering vanwege inkomsten uit arbeid, wat leidde tot een terugvordering van € 1.936,62. Deze vordering werd verhoogd met loonheffing en bijkomende kosten, waarna dwangbevelen werden uitgevaardigd wegens niet-betaling.
Eiseres vroeg kwijtschelding aan voor het openstaande bedrag, maar verweerder wees dit af omdat zij niet voldeed aan de voorwaarden, met name het niet volledig benutten van haar aflossingscapaciteit gedurende drie jaar. De rechtbank oordeelde dat eiseres vanaf 24 oktober 2016 tot 1 april 2018 wel degelijk aflossingscapaciteit had, maar niet heeft terugbetaald.
De rechtbank concludeerde dat de afspraken over betalingsvrijstellingen losstaan van de berekening van aflossingscapaciteit en dat eiseres geen bezwaar had gemaakt tegen de vaststelling daarvan. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de afwijzing van haar verzoek tot kwijtschelding van de terugvordering van haar WIA-uitkering is ongegrond verklaard.