ECLI:NL:RBMNE:2020:2266
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen omgevingsvergunning voor maatschappelijke functie op bedrijventerrein
Eisers hebben beroep ingesteld tegen een omgevingsvergunning die het college van burgemeester en wethouders heeft verleend aan een stichting voor het gebruik van een bedrijfsruimte voor maatschappelijke doeleinden, namelijk dagbesteding voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt.
De vergunning betreft een functiewijziging op een bedrijventerrein, waarbij de activiteiten niet passen binnen het bestemmingsplan, maar zijn verleend op grond van de kruimelgevallenregeling van de Wabo. Eisers voerden onder meer aan dat de vergunning leidt tot parkeer- en verkeersoverlast en geluidsoverlast.
De rechtbank oordeelt dat de kruimelgevallenregeling correct is toegepast, dat de belangenafweging zorgvuldig is gemaakt en dat de activiteiten ruimtelijk aanvaardbaar zijn. De parkeernorm verandert niet en er is geen onderbouwde toename van verkeersbewegingen of geluidsoverlast die de vergunningverlening in de weg staat.
De rechtbank wijst erop dat eventuele geluidsoverlast een handhavingskwestie is en niet via de vergunning kan worden opgelost. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de omgevingsvergunning wordt ongegrond verklaard.