ECLI:NL:RBMNE:2020:1910
Rechtbank Midden-Nederland
- Voorlopige voorziening
- E. van Abbe
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening persoonsgebonden budget voor dagbesteding
Verzoekster heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Lelystad waarbij zorg in natura voor dagbesteding is toegekend voor de periode van 1 oktober 2019 tot en met 30 september 2020.
Zij verzoekt om een persoonsgebonden budget (pgb) omdat zij de zorg van haar vertrouwenspersoon wenst voort te zetten, die geen zorg in natura wil leveren. Verzoekster stelt dat zonder deze begeleiding zij onvoldoende studiepunten kan behalen om haar opleiding voort te zetten.
De voorzieningenrechter stelt vast dat de zorg is geïndiceerd als zorg in natura en dat de hoofdaannemer Kwintes hierover met verzoekster in gesprek zal gaan. Verzoekster heeft niet onderbouwd dat zorg in natura niet passend of niet mogelijk is. Het feit dat zij een voorkeur heeft voor een pgb en zorg van een specifieke persoon wil ontvangen, vormt geen spoedeisend belang. De zorg wordt nog steeds geleverd, ook al zonder vergoeding, en deze situatie kan worden voortgezet tot de bezwaarprocedure is afgerond.
Daarom wijst de voorzieningenrechter het verzoek om voorlopige voorziening af. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening voor een persoonsgebonden budget wordt afgewezen wegens ontbreken van spoedeisend belang.