Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.Procesverloop
- een afschrift van de beslissing tot het nemen van de crisismaatregel d.d. 1 april 2020;
- de medische verklaring d.d. 1 april 2020.
Rechtbank Midden-Nederland
De officier van justitie verzocht op 2 april 2020 om voortzetting van een crisismaatregel ten aanzien van betrokkene, opgelegd op 1 april 2020. De mondelinge behandeling vond telefonisch plaats op 6 april 2020 vanwege coronamaatregelen. Betrokkene verklaarde dat zij vrijwillig in het ziekenhuis wil verblijven vanwege brandwonden aan haar voeten, hoewel zij niet weet hoe deze zijn ontstaan.
De arts gaf aan dat betrokkene aanvankelijk katatoon was en niet aanspreekbaar, maar nu wel aanspreekbaar is en naar verwachting vrijwillig in het ziekenhuis blijft. Indien betrokkene zou vertrekken, is er volgens de arts geen sprake meer van acuut gevaar. De rechtbank concludeerde dat betrokkene zich niet verzet tegen noodzakelijke zorg en dat voortzetting van de crisismaatregel niet nodig is.
De rechtbank wees het verzoek tot voortzetting van de crisismaatregel af en deed de beschikking op 6 april 2020 mondeling, schriftelijk uitgewerkt en ondertekend op 14 april 2020. Tegen deze beschikking staat cassatie open.
Uitkomst: Het verzoek tot voortzetting van de crisismaatregel wordt afgewezen wegens vrijwilligheid en afwezigheid van acuut gevaar.