Op 23 juni 2016 trok een zware onweersbui van het type supercel over de regio waar eiseres gevestigd is, met hagelstenen tot 10 centimeter groot die aanzienlijke schade veroorzaakten aan het bedrijfspand. Eiseres meldde de schade bij haar verzekeraar ASR, die op basis van de polisvoorwaarden een deel van de schade vergoedde, maar de hagelschade beperkte tot 10% van het verzekerde bedrag.
Eiseres vorderde nakoming van de overeenkomst en betaling van het resterende schadebedrag, stellende dat de hagelschade onder directe neerslag valt en volledig vergoed moet worden. Subsidiair stelde zij dat de schade aan gevels en kozijnen onder waterschade valt en dus ook volledig vergoed moet worden. De rechtbank oordeelde dat de schade veroorzaakt is door directe hagelinslag en niet door binnengedrongen smeltwater, waardoor de polisbeperking van toepassing is.
Verder stelde eiseres dat de supercel als storm moet worden aangemerkt, wat volledige schadevergoeding zou rechtvaardigen. De rechtbank verwierp dit omdat de polis verwijst naar windkracht 7 of hoger volgens de Beaufortschaal, gemeten op tien meter hoogte, en de schade primair door hagel werd veroorzaakt. Eerdere uitspraken over supercelschade met andere verzekeraars en polisvoorwaarden zijn niet relevant voor deze zaak.
De rechtbank concludeerde dat ASR niet verplicht is de volledige schade te vergoeden en wees de vordering af. Eiseres werd veroordeeld tot betaling van de proceskosten van ASR.