Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
2.TENLASTELEGGING
3.VOORVRAGEN
4.WAARDERING VAN HET BEWIJS
de rechtbank begrijpt: [voornaam van A]) ging voor hem staan en maakte een slaande beweging richting hem. [voornaam van slachtoffer 1] liep weg. Verdachten [1] en [2] liepen achter hem aan. [voornaam van slachtoffer 1] ging op een bank zitten. Verdachte [1] ging achter hem op de bank staan en gaf een trap tegen het hoofd van [voornaam van slachtoffer 1] . Hij werd behoorlijk hard getrapt. Hierna kreeg [voornaam van slachtoffer 1] van verdachte [1] een aantal vuistslagen. [9]
de rechtbank begrijpt [voornaam van verdachte]) het slachtoffer een ferme duw gaf waardoor hij op een bank terecht kwam. [10]
- de bekennende verklaring van verdachte, afgelegd ter terechtzitting van 28 november 2018;
- een proces-verbaal van aangifte van [aangever 4] , namens P.I. [plaatsnaam] .
- de bekennende verklaring van verdachte, afgelegd ter terechtzitting van 28 november 2018;
- een proces-verbaal van bevindingen van [E] .
5.BEWEZENVERKLARING
6.STRAFBAARHEID VAN DE FEITEN
medeplegen van poging tot zware mishandeling;
telkens, schuldheling;
opzettelijk en wederrechtelijk enig goed dat geheel of ten dele aan een ander toebehoort, vernielen;
mishandeling, terwijl het misdrijf wordt gepleegd tegen een ambtenaar gedurende of terzake van de rechtmatige uitoefening van zijn bediening.
7.STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE
8.OPLEGGING VAN STRAF EN MAATREGEL
9.BENADEELDE PARTIJ [slachtoffer 2]
10.BESLAG
11.TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN
12.BESLISSING
zaak 1subsidiair,
zaak 2feit 1, feit 2 en feit 3,
zaak 3feit 1 en feit 2 en
zaak 4ten laste gelegde bewezen zoals hiervoor in rubriek 5 is vermeld;
gevangenisstrafvan
180 dagen;
116 dagen, niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders gelast op grond van het feit dat verdachte de hierna te melden algemene voorwaarde niet heeft nageleefd;
proeftijd van drie jarenvast;
geldboete van € 150,- (honderdvijftig euro), bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door hechtenis van 3 dagen;
- verklaart [slachtoffer 2] voor wat betreft het meer gevorderde niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de vordering voor dat deel kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter;
- veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;