Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.De procedure
2.De feiten
ingetrokken;
ingetrokken;
ingetrokken;
Rechtbank Midden-Nederland
Partijen zijn in 1985 gehuwd in gemeenschap van goederen en in 2012 gescheiden met een convenant waarin afspraken zijn gemaakt over de verdeling van woningen en schulden. De man wil de woning aan de [straatnaam 2] overnemen, maar kan deze niet financieren vanwege het overbruggingskrediet van €100.000 dat nog openstaat. De rechtbank oordeelt dat de man dit krediet volledig moet dragen, conform het convenant waarin partijen de lasten van hun respectievelijke woningen voor eigen rekening namen.
De overwaarde van de woning aan de [straatnaam 2] komt zonder verrekening toe aan de vrouw. Omdat de man het overbruggingskrediet niet kan aflossen, moet de woning worden verkocht. Partijen moeten medewerking verlenen aan de verkoop en de woning moet leeg en ontruimd worden opgeleverd. De rechtbank wijst ook een vordering van de vrouw toe wegens het verzwijgen door de man van een kapitaalverzekering met een waarde van €8.749,47, die tot de gemeenschap behoorde.
De man wordt veroordeeld het overbruggingskrediet te voldoen, de vrouw binnen 14 dagen €912,27 te betalen en de waarde van de polis aan haar te vergoeden. Elk draagt de eigen proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard voor de belangrijkste onderdelen.
Uitkomst: Man draagt het volledige overbruggingskrediet, vrouw krijgt overwaarde woning en vergoeding voor verzwijging polis.