Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
2.TENLASTELEGGING
3.VOORVRAGEN
Onderzoek 09Ziezo is zoals bekend reeds onherroepelijk afgedaan. Ik zie geen aanleiding om dat gehele onderzoek aan het onderhavige dossier toe te voegen. (…)”.
4.WAARDERING VAN HET BEWIJS
[naam X] is bij [naam supermarkt] en vraagt of NNM nog iets anders nodig heeft. Nee, alleen Heineken flesjes. [22] Tijdens dit telefoongesprek straalde * [telefoonnummer 3] een paal aan in [plaatsnaam 1] . In [plaatsnaam 1] bevindt zich slechts één [naam supermarkt] supermarkt. [23] Verbalisant heeft de camerabeelden van deze [naam supermarkt] bekeken. Op genoemde beelden heeft hij het volgende waargenomen:
“Hallo ben mij andere telfoon kwijt app en bel op deze nummer gr [naam X] ”. Op donderdag 8 maart 2018 omstreeks 10:27 uur bleek dat het telefoonnummer * [telefoonnummer 3] weer in gebruik was genomen, nu in het telefoontoestel met IMEI-nummer * [IMEI-nummer 2] . [28] De telefoon met IMEI-nummer * [IMEI-nummer 3] was op dat moment nog inbeslaggenomen. Het telefoonnummer * [telefoonnummer 3] is dus blijkbaar weer in gebruik genomen in een ander telefoontoestel. Op donderdag 8 maart 2018 omstreeks 18:51 uur bleek uit de opgenomen telecommunicatie dat het telefoonnummer * [telefoonnummer 3] belt naar Vodafone. Op de lijn is dan de stem van [naam X1] te horen. [29]
- * [telefoonnummer 1] : van 9 januari 2018 tot 9 maart 2018 en van 16 tot en met 26 maart 2018;
- * [telefoonnummer 3] : van 1 februari 2018 tot 9 maart 2018 en van 16 maart 2018 tot en met 5 april 2018;
- * [telefoonnummer 5] : van 24 maart 2018 tot en met 5 april 2018.
[..] mij numer gr [naam X] ”.Tevens stond er een aantal sms-berichten in waarbij tijdsafspraken werden gemaakt. [42]
“Ja, dat is de 2018- [naam X] ”. [60]
“Ja, dat is dezelfde persoon”. [64] (De rechtbank begrijpt: dezelfde persoon als die de getuige op 18 december 2018 bij de rechter-commissaris heeft herkend als ‘de dikkere Marokkaanse jongen die hem meestal de cocaïne bracht’.)
5.BEWEZENVERKLARING
zijnde cocaïne en MDMA middelen als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I;
zijnde cocaïne een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I;
6.STRAFBAARHEID VAN DE FEITEN
1. deelneming aan een organisatie die tot oogmerk heeft het plegen van misdrijven;
2. medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 2, onder B, van de Opiumwet gegeven verbod, meermalen gepleegd;
3. medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 2, onder C, van de Opiumwet gegeven verbod, meermalen gepleegd
7.STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE
8.OPLEGGING VAN STRAF
- een uittreksel justitiële documentatie betreffende verdachte van 5 maart 2019;
- een advies van de reclassering van 12 oktober 2018;
- een aanvullend advies van de reclassering van 17 oktober 2018;
- de e-mail van [F] , reclasseringswerker, van 25 juni 2019.
9.BESLAG
10.TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN
- 14a, 14b, 14c, 14d, 47, 57 en 140 van het Wetboek van Strafrecht;
- 2 en 10 van de Opiumwet;
11.BESLISSING
gevangenisstrafvan
30 maanden;
6 maandenniet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders gelast op grond van het feit dat de verdachte de hierna te melden algemene en bijzondere voorwaarden niet heeft nageleefd;
proeftijd van 2 jarenvast;
algemene voorwaardengelden dat verdachte:
bijzondere voorwaardendat verdachte: