ECLI:NL:RBMNE:2019:2505
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- P.K. Oosterling – van der Maarel
- A.W.M. van Hoof
- V.M.A. Sinnige
- Rechtspraak.nl
Veroordeling poging tot moord met voorbedachten rade en oplegging tbs met dwangverpleging
Op 21 augustus 2018 heeft verdachte in Hilversum de moeder van zijn kind meerdere keren met een mes gestoken, wat leidde tot ernstige interne verwondingen. De rechtbank oordeelde dat verdachte met voorbedachten rade handelde, omdat hij ruim een uur voor het incident bij het flatgebouw van het slachtoffer stond te wachten met messen en barbecuespiesen in zijn tas.
De rechtbank verwierp het verweer van verdachte dat hij impulsief handelde en de messen bij zich had voor een barbecue. Getuigenverklaringen en het gedrag van verdachte na de steekpartij, waaronder bedreigende uitlatingen, ondersteunden het oordeel van voorbedachten rade.
Verdachte weigerde mee te werken aan psychologisch onderzoek, maar het Pieter Baan Centrum concludeerde dat hij een stoornis in het gebruik van cocaïne en cannabis had en mogelijk persoonlijkheidsproblematiek vertoonde. Gezien het recidivegevaar en de ernst van het feit legde de rechtbank een gevangenisstraf van vijf jaar op, met aftrek van voorarrest, en gelastte tbs met dwangverpleging.
De benadeelde partij vorderde een schadevergoeding van €12.670,53, waarvan de rechtbank €9.631,53 toewijst, inclusief materiële en immateriële schade. De rest van de vordering is niet-ontvankelijk verklaard en moet bij de burgerlijke rechter worden ingediend.
De rechtbank gelastte tevens de tenuitvoerlegging van een eerdere voorwaardelijke straf wegens een eerdere veroordeling van verdachte.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot vijf jaar gevangenisstraf en tbs met dwangverpleging wegens poging tot moord met voorbedachten rade.