ECLI:NL:RBMNE:2019:1370
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Proceskostenveroordeling wegens strijdige wijze van procederen in familierechtelijke geldvordering
Partijen hadden een affectieve relatie die in mei 2016 werd verbroken en hebben een minderjarig kind. De man vorderde terugbetaling van diverse bedragen die hij aan de vrouw had geleend en vergoeding voor meegenomen en verkochte spullen, terwijl de vrouw een tegenvordering instelde wegens vermeende onrechtmatige betalingen.
De rechtbank constateerde dat de vordering van de man onduidelijk en warrig was geformuleerd, met onvolledige onderbouwing en late indiening van bewijsstukken, waardoor de vrouw niet adequaat kon reageren. De man trok zijn vorderingen uiteindelijk ongeclausuleerd in, maar stelde voorwaarden aan zijn intrekking, wat in strijd was met de goede procesorde.
De kantonrechter veroordeelde de man in de proceskosten van de vrouw en verklaarde deze uitvoerbaar bij voorraad. De proceskosten in reconventie werden gecompenseerd, waarbij elke partij de eigen kosten draagt. Het vonnis werd op 20 maart 2019 uitgesproken.
Uitkomst: De man wordt veroordeeld in de proceskosten van de vrouw wegens strijdige wijze van procederen; proceskosten in reconventie worden gecompenseerd.