ECLI:NL:RBMNE:2018:878
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- C.A. de Beaufort
- K.G. van de Streek
- P.K. Oosterling-van der Maarel
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs voor gebruik valse jaarrekeningen
De rechtbank Midden-Nederland behandelde de zaak tegen verdachte die werd beschuldigd van het medeplegen van het opzettelijk gebruik van valse en vervalste jaarrekeningen over 2010 en 2011. De tenlastelegging betrof het niet opnemen van diverse transacties in de jaarstukken, waardoor deze onjuist zouden zijn.
Tijdens de inhoudelijke behandeling werden verklaringen van de vertegenwoordiger van verdachte en getuigen aangevoerd die stelden dat de transacties privé waren van een medeverdachte en niet door of namens verdachte waren verricht. De rechtbank vond geen bewijs dat de transacties door verdachte waren gedaan en concludeerde dat het ten laste gelegde niet wettig en overtuigend was bewezen.
Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van de tenlastelegging. De zaak kende meerdere zittingen en de rechtbank nam uitgebreid kennis van de standpunten van het openbaar ministerie en de verdediging. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer op 8 maart 2018.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs voor het gebruik van valse jaarrekeningen.