Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.Deprocedure.
- De schriftelijke vordering ten bedrage van € 63.000,00, die binnen de in artikel 511b van het Wetboek van Strafvordering genoemde termijn aanhangig is gemaakt;
- het strafdossier onder parketnummer 16/652426-16, waaruit blijkt dat veroordeelde op 7 maart 2018 door de meervoudige strafkamer van de Rechtbank Midden-Nederland onder meer is veroordeeld terzake van –kort gezegd– het medeplegen van hennepteelt tot de in die uitspraak vermelde straf;
- het Rapport berekening wederrechtelijk verkregen voordeel hennepkwekerij;
- de bevindingen tijdens het onderzoek ter terechtzitting;
- de overige stukken;
2.De beoordeling van de vordering
3.De toepasselijke wettelijke voorschriften
4.De beslissing.
€ 26.106,08(zegge: zesentwintigduizend honderdzes euro en acht eurocent);
€ 26.106,08(zegge: zesentwintigduizend honderdzes euro en acht eurocent) ter ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel;