ECLI:NL:RBMNE:2018:627
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte mishandeling en bedreiging partner nicht
Een 22-jarige man uit Utrecht werd verdacht van het mishandelen, bedreigen en vrijheidsberoven van de partner van zijn nicht in de nacht van 14 op 15 oktober 2017. De officier van justitie achtte de feiten bewezen op basis van aangifte, getuigenverklaringen, DNA-materiaal op een wapen en tapgesprekken.
De verdediging voerde aan dat er geen objectief bewijs was dat de lezing van het slachtoffer ondersteunde en verwees naar verklaringen van medeverdachten die een andere toedracht beschreven. De rechtbank stelde vast dat er conflicten waren binnen de familie en dat het slachtoffer een relatie had die door de familie werd afgekeurd.
De rechtbank oordeelde dat alleen vaststond dat medeverdachte 2 het slachtoffer had mishandeld, maar dat onvoldoende bewijs bestond dat verdachte zelf betrokken was bij de tenlastegelegde feiten. Er waren geen bewijzen die de verklaring van het slachtoffer ondersteunden dat verdachte mishandeling, bedreiging en vrijheidsberoving pleegde. Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van alle tenlastegelegde feiten.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs voor mishandeling, bedreiging en vrijheidsberoving.