De rechtbank Midden-Nederland heeft op 4 september 2018 uitspraak gedaan in de strafzaak tegen verdachte die werd verdacht van ontuchtige handelingen met een 14/15-jarig meisje in de periode van september tot november 2017. De tenlastelegging werd gewijzigd en betrof seksueel binnendringen en andere ontuchtige handelingen.
Tijdens de zittingen op 20 februari, 3 april en 21 augustus 2018 werden de standpunten van de officier van justitie en de verdediging gehoord. De officier van justitie baseerde zich op de verklaringen van het slachtoffer en verdachte, en beweerde dat verdachte naaktfoto’s van het slachtoffer had gezien en hierover had geappt. De verdediging betoogde dat de verklaringen van het slachtoffer onbetrouwbaar waren en onvoldoende werden ondersteund door andere bewijsmiddelen.
De rechtbank oordeelde dat hoewel de verklaringen van het slachtoffer duidelijk en gedetailleerd waren, deze niet werden ondersteund door andere bewijzen. De verklaringen van verdachte ontkenden het zien van naaktfoto’s en het duiden op het slachtoffer in de app-gesprekken. Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van het ten laste gelegde.
Daarnaast werd beslag gelegd op de mobiele telefoon en simkaart van verdachte. De officier van justitie vorderde verbeurdverklaring vanwege het niet verstrekken van de pincode, maar de rechtbank gelastte teruggave van de in beslag genomen voorwerpen omdat verdachte werd vrijgesproken.
De vordering van de benadeelde partij tot immateriële schadevergoeding van €1.000,- werd niet-ontvankelijk verklaard, aangezien verdachte werd vrijgesproken en de benadeelde partij haar vordering bij de burgerlijke rechter kan voortzetten.