Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
2.TENLASTELEGGING
3.VOORVRAGEN
4.VRIJSPRAAK
5.BENADEELDE PARTIJ
[slachtoffer] geen rechthebbende is van het geld en bij de vordering van [benadeelde] een machtiging ontbreekt.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Midden-Nederland
De rechtbank Midden-Nederland sprak verdachte vrij van de ten laste gelegde diefstal van een sealbag met daarin €9.185,-, gepleegd op 20 juni 2016 te Veenendaal. De officier van justitie stelde dat verdachte op camerabeelden was herkend en betrokken was bij de overval, medepleger was en geweld gebruikte. De verdediging betwistte dit en stelde dat het bewijs onvoldoende was om verdachte te verbinden aan het strafbare feit.
De rechtbank oordeelde dat de camerabeelden onvoldoende kwaliteit en duidelijkheid hadden om een betrouwbare herkenning van verdachte mogelijk te maken. De verbalisant kon verdachte niet met 100% zekerheid herkennen vanwege het ontbreken van zichtbare onderscheidende kenmerken. Daarnaast waren er meerdere personen herkend op de beelden, wat de betrouwbaarheid van de herkenningen ondermijnde. Ook ontbraken objectieve bewijsmiddelen die aantonen dat verdachte zich op het moment van het delict in de buurt van de plaats delict bevond.
De gesprekken waar de officier van justitie naar verwees waren onvoldoende concreet om betrokkenheid aan te tonen. Gezien het ontbreken van wettig en overtuigend bewijs werd verdachte vrijgesproken. De benadeelde partijen werden niet-ontvankelijk verklaard in hun vorderingen, die zij bij de burgerlijke rechter kunnen aanbrengen.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs voor diefstal met geweld.