ECLI:NL:RBMNE:2018:2655
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Machtiging rechter-commissaris vereist voor lezen binnenkomende Telegram-berichten op inbeslaggenomen telefoon
Op 26 maart 2018 werd bij verdachte een mobiele telefoon in beslag genomen. Onderzoek toonde aan dat verdachte veelvuldig gebruik maakte van het chatprogramma Telegram, waarbij berichten automatisch worden vernietigd na het lezen. De officier van justitie verzocht om een machtiging om ook de berichten te mogen lezen die binnenkomen wanneer de telefoon weer wordt aangezet en verbinding maakt met het netwerk.
De rechter-commissaris overwoog dat artikel 101 Sv Pro, dat oorspronkelijk betrekking heeft op gesloten poststukken, ook analoog toegepast moet worden op binnenkomende elektronische berichten die nog niet gelezen zijn. Dit vanwege het briefgeheim en de bescherming van de inhoud van communicatie, ook al is er geen fysieke envelop.
De rechter-commissaris concludeerde dat voor het lezen van deze binnenkomende berichten een machtiging vereist is en verleende deze aan de officier van justitie. Hiermee werd de vordering van de officier van justitie toegewezen en kon het onderzoek naar de berichten op de telefoon worden voortgezet.
Uitkomst: De rechter-commissaris verleent machtiging voor het lezen van binnenkomende berichten op de inbeslaggenomen telefoon.