ECLI:NL:RBMNE:2018:1885
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens ontbreken wettig bewijs deelname en handel in cocaïne
De rechtbank Midden-Nederland heeft verdachte vrijgesproken van deelname aan een criminele organisatie en het handelen in cocaïne in de periode van januari 2014 tot mei 2017. Hoewel er sterke aanwijzingen waren dat verdachte betrokken was bij de cocaïnehandel, ontbrak het aan voldoende wettig bewijs om dit overtuigend vast te stellen.
De tenlastelegging betrof deelname aan een organisatie die zich bezighield met het verhandelen en aanwezig hebben van cocaïne en het zelf handelen in deze drug. De rechtbank oordeelde dat het feit dat een auto op naam van verdachte bij verschillende drugsdeals werd gezien onvoldoende is om te concluderen dat verdachte zelf vanuit die auto handelde.
Daarmee kon ook niet worden bewezen dat verdachte deelnam aan de criminele organisatie zoals ten laste gelegd. De rechtbank sprak verdachte vrij en hief het geschorste bevel tot voorlopige hechtenis op.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens ontbreken van wettig en overtuigend bewijs voor deelname aan een criminele organisatie en handel in cocaïne.