ECLI:NL:RBMNE:2018:127
Rechtbank Midden-Nederland
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek curator tot berusting in testament en geen beroep op legitieme portie
De curator verzocht de rechtbank om toestemming om namens de curanda te berusten in het testament van haar overleden vader, waarbij zij was uitgesloten als erfgenaam, en geen beroep te doen op haar legitieme portie van circa €20.000. De curator stelde dat een beroep op de legitieme portie nadelig zou zijn voor curanda omdat dit haar vermogen zou verhogen en daarmee haar recht op zorg- en huurtoeslag zou kunnen aantasten.
De kantonrechter heeft het verzoek behandeld en overwogen dat het individuele belang van curanda om aanspraak te kunnen blijven maken op toeslagen moet worden afgewogen tegen het algemeen belang om voorzieningen te reserveren voor personen die daadwerkelijk financiële nood hebben. Dit algemeen belang weegt zwaarder, temeer omdat curanda recht heeft op haar legitieme portie en daar niet ten nadele van het algemeen belang van mag afzien.
Verder is gesteld dat de vorderingen van de kinderen op hun moeder niet opeisbaar zijn, waardoor er geen direct besteedbaar vermogen is. Ook is onzeker of het toeslagensysteem in de toekomst ongewijzigd blijft. De wens van de erflater dat curanda niets ontvangt en de bereidheid van haar zusters om financieel bij te springen, veranderen het oordeel niet.
Gelet op deze omstandigheden heeft de kantonrechter het verzoek van de curator afgewezen. Tegen deze beschikking staat hoger beroep open bij het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.
Uitkomst: Het verzoek van de curator om namens curanda te berusten in het testament en geen beroep te doen op haar legitieme portie is afgewezen.