ECLI:NL:RBMNE:2017:6804
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Herziening en terugvordering WIA-uitkering wegens niet melden pgb-inkomsten
Eiseres ontving sinds 2008 een WIA-uitkering en een persoonsgebonden budget (pgb) voor de verzorging van haar ouders. Verweerder herzag de uitkering en vorderde een bedrag van ruim €31.500 terug wegens het niet melden van het pgb als inkomsten. Eiseres stelde dat het pgb geen inkomen was en volledig aan zorg was besteed, maar kon dit niet met bewijs onderbouwen.
De rechtbank oordeelde dat eiseres redelijkerwijs had moeten weten dat het pgb als inkomsten moest worden gemeld, gelet op haar zorgverlening en het feit dat het pgb op haar rekening werd gestort. De rechtbank verwierp haar betoog dat zij hierover onduidelijkheid had en dat zij het pgb niet als inkomen gebruikte.
Verweerder had het terugvorderingsbedrag aangepast op basis van een schikking met de Belastingdienst, waarbij kosten in mindering waren gebracht en de periode na april 2014 was uitgesloten. De rechtbank vond de berekening juist en zag geen dringende reden om van terugvordering af te zien.
Het beroep tegen het bestreden besluit II werd ongegrond verklaard, terwijl het beroep tegen het bestreden besluit I niet-ontvankelijk werd verklaard. Verweerder werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep tegen het bestreden besluit II ongegrond en bevestigt de herziening en terugvordering van de WIA-uitkering wegens het niet melden van pgb-inkomsten.