Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.De procedure
2.De feiten
3.De verzoeken
4.De beoordeling
Verzoek met nummer 6236035 UE VERZ 17-340
500,00(2 punten x tarief € 250,00)
Rechtbank Midden-Nederland
Werknemer trad op 30 januari 2017 in dienst bij Bidfood als chauffeur A. Op 9 juni 2017 trok hij zijn broek uit om deze door een uitzendkracht van een nieuw logo te laten voorzien. Bidfood kwalificeerde dit als seksuele intimidatie en ontsloeg hem op staande voet op 13 juni 2017 na een gesprek waarin ook agressief gedrag werd geconstateerd.
Werknemer betwistte de seksuele intimidatie en stelde dat het uittrekken van de broek zonder seksuele intentie was, mede omdat hij niet op de hoogte was dat op de broeken geen logo’s hoefden te worden aangebracht. De uitzendkracht bevestigde dat zij het gedrag storend vond maar geen seksuele intimidatie ervoer. De leidinggevende vond het gedrag onacceptabel maar de kantonrechter oordeelde dat dit geen dringende reden voor ontslag opleverde.
Tijdens het gesprek op 13 juni 2017 was sprake van emotionele reacties en enkele krachttermen van werknemer, maar dit overschreed niet de grens voor ontslag op staande voet. De kantonrechter stelde vast dat Bidfood vooraf al een oordeel had gevormd en werknemer niet serieus heeft gehoord.
De rechtbank vernietigde het ontslag op staande voet, oordeelde dat het dienstverband doorloopt tot 29 oktober 2017 en veroordeelde Bidfood tot doorbetaling van salaris en wettelijke verhoging. Het verzoek van Bidfood tot schadevergoeding wegens voortijdige beëindiging werd afgewezen. Bidfood werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het ontslag op staande voet wordt vernietigd en Bidfood moet salaris en wettelijke verhoging doorbetalen tot het reguliere einde van het dienstverband.