Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
2.TENLASTELEGGING
3.VOORVRAGEN
4.WAARDERING VAN HET BEWIJS
5.BEWEZENVERKLARING
6.STRAFBAARHEID VAN DE FEITEN
telkens mishandeling.
7.STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE
8.OPLEGGING VAN STRAF
9.BENADEELDE PARTIJ
€ 2.034,62 toewijzen, te vermeerderen met de gevorderde wettelijke rente vanaf 25 juni 2017 tot de dag van volledige betaling. Hoewel de kosten voor het verstrekken van medische informatie door de fysiotherapeut niet met een factuur zijn onderbouwd, schat de rechtbank deze (als redelijke kosten ter vaststelling van de schade) op het gevorderde bedrag van € 40,-, welk bedrag zal worden toegewezen.
10.TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN
11.BESLISSING
4 maanden;
- veroordeelt verdachte tot betaling aan [slachtoffer 1] van het toegewezen bedrag, te weten € 2.074,62, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 25 juni 2017 tot de dag van volledige betaling;
- veroordeelt verdachte ook in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken, tot op dit moment begroot op € 61,20;
- wijst de vordering voor wat betreft de meer gevorderde proceskosten af;
- legt verdachte de verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 1] aan de Staat
- bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed;