ECLI:NL:RBMNE:2017:417
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen verleende omgevingsvergunning voor het vellen van een eik
Verweerder, het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Hilversum, verleende een omgevingsvergunning voor het vellen van een eik aan een aanvrager. Eiser stelde bezwaar tegen deze vergunning en voerde onder meer aan dat de ambtenaar bij de schouw erfvredebreuk had gepleegd door het betreden van een pad dat eiser als zijn eigendom beschouwde.
De rechtbank nam het civiele vonnis van 2 maart 2016 in aanmerking waarin was vastgesteld dat de grond waarop de eik stond eigendom was van de aanvrager en niet van eiser. De ambtenaar had de schouw uitgevoerd met toestemming van de aanvrager en had zorgvuldig gehandeld door contact te zoeken met eiser na het aantreffen van een pamflet dat bezwaar maakte tegen het betreden van de grond.
De rechtbank oordeelde dat er geen sprake was van erfvredebreuk en dat het bestreden besluit rechtmatig was. Het beroep van eiser werd daarom ongegrond verklaard. Tevens werd vastgesteld dat eiser voldoende procesbelang had bij het beroep en dat er geen aanleiding was voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen de omgevingsvergunning voor het vellen van de eik wordt ongegrond verklaard.